|
| Als de aarde beeft: Lisar in Turkije | |
© LiSAR Maandag 15 November 99 rond 11:00 uur gaat de telefoon, nadat ik opneem spreek ik met Esther van Neerbos van het Veterinair Reddingshonden Team. Kort vraagt ze mij of ik mee wil naar Duzce in Turkije omdat daar nogmaals een aardbeving heeft plaatsgevonden. Direct moet ik een beslissing nemen en zeg ja als ik met mijn werkgever af kan spreken dat ik vrijaf kan krijgen. Ik beloof haar binnen enkelen minuten terug te bellen. Mijn chef gaat akkoord en zal voor vervangend personeel zorgen. Snel bel ik Esther terug en zeg haar dat ik mee kan. Zij vertelt me dat de deadline voor toestemming verlegd is naar 12:00 uur, als we het dan niet geregeld hebben gaan we niet meer. Hierop vertel ik mijn vrouw dat de mogelijkheid bestaat dat ik naar Turkije ga. Een beetje overdonderd kijkt ze me aan, maar vind ook dat ik moet gaan. Je weet dat je elk moment een telefoontje kunt krijgen, maar het komt toch altijd onverwachts. Anderhalf uur ijsbeer ik door de huiskamer, nerveus en niet wetend wat er precies komen gaat. Shirley en Leroy komen uit school en voorzichtig vertel ik het aan ze. Shirley breekt in tranen uit, want ze maakt zich zorgen dat er iets met me gebeurt. Natuurlijk heb ik haar in het verleden al verteld dat zon moment van oproepen kan gaan gebeuren. Toch is altijd het moment dat het gebeurt, zeker voor kinderen, beangstigend. Ik controleer in mijn computer de checklijst van de spullen die ik nodig heb en vul de ontbrekende spullen in mijn plunjebaal aan. De telefoon gaat, Anne Moreu van het VRT doet de mededeling dat het vliegtuig om
16:00 uur vanaf schiphol vertrekt. Op de klok kijkend zie ik dat het al 12:20 uur is, ik
vertel haar dat ik er zal zijn, al wordt de tijd erg krap. Met mijn hond Max, alleen de
noodzakelijke bepakking en de benodigde papieren verlaat ik mijn huis op weg naar
schiphol. Op de autosnelweg denk ik nog maar aan een ding "als er nu maar niet
afgebeld wordt". Iedere kilometer die ik dichterbij Schiphol kom is er een. Na 2 ½
uur kom ik bij de vertrekhal van Schiphol aan, de contactpersonen van het VRT staan al
klaar om mij te helpen met uitladen. Mijn autosleutels kan ik afgeven, zij zorgen ervoor
dat mijn auto geparkeerd wordt in Badhoevedorp. Bij het inchecken krijg ik van het VRT
professionele kleding en een helm zodat we uniform gekleed gaan. Mijn eigen kleding en
helm haal ik weer uit mijn plunjezak en deze worden terug in de auto gelegd. Op de snelweg zie ik aan weerszijden Istanbul, omdat het inmiddels donker is geworden zie ik alleen de verlichting en de neonreclames. Het ziet er uit als een normale westerse stad en bovendien hoor ik dat er miljoenen mensen wonen. Steden zie ik voorbij trekken, maar ik kan niets herkennen. Het eerste tentenkamp dient zich aan. Deze zijn door hulporganisaties na de eerste aardbeving opgezet. Hoewel de bus met een snelheid van 80 kilometer per uur rijdt, lijkt het net of we heel langzaam gaan. Na enkele uren zie ik eindelijk het bord Duzce staan. Links en rechts tankstations en supermarkten en veel mensen die de allerdaagse dag nagaan, alles lijkt heel gewoon. Langs de weg zie ik kleine bergjes puin liggen. In de huizen erachter brandt geen licht meer, ze zijn schijnbaar onbewoond. Onder een provisorisch afdak van plastiek staat een turkse vrouw met drie kinderen zich te warmen aan een olievat waarin vuur gemaakt is. We rijden een stadsdeel van Duzce in. De eerste straat van Duzce, nog steeds
huizen die leegstaan. We rijden een steeg in en draaien een bocht om. De ravage is groter
dan dat ik in mijn dromen heb kunnen vermoeden. Iets wat eens een gebouw was, is in elkaar
geklapt. Beton op beton, muur op muur met enkele centimeters ruimte opgevuld met puin,
daartussen ligt de hele huisraad. We vervolgen onze weg naar 't crisis centrum om te
informeren waar we ons kamp kunnen opslaan. Vervolgens worden op het schuine betonnen dak, met pneumatische hamers twee gaten gemaakt. Door deze gaten wordt een ketting geschoven met een lus eraan, deze ketting wordt door de Amerikanen aan de hoogwerker bevestigd. Vervolgens wordt het beton doorgedrild en het betonijzer doorgeslepen. De eerste laag wordt omhoog getild en opzij gelegd. Zo worden alle lagen een voor een opzij getild, totdat ze uiteindelijk bij het slachtoffer komen. Ondertussen benaderde de UN onze coördinatoren Anne en Frans om assistentie te
komen verlenen bij een ingestort warenhuis. Hieronder zouden zich nog ongeveer 20 mensen
bevinden. Onder begeleiding van de Turkse politie en enkele militaire lopen we door de
straten van Duzce. Alle verschrikkingen die we zien, worden wel waargenomen maar ik denk
dat iedereen die snel wegstopt. Bijna alle huizen in deze regio zijn ingestort, de enkele
huizen die nog overeind staan barsten uit hun voegen. Aangekomen wordt een en ander snel duidelijk. Een soort winkelcentrum van
ongeveer 100 meter lang en 60 meter breed. Snel inventariseren we het gebouw, 6 etages
moeten het zijn geweest. In de namiddag benadert de Turkse brandweer ons om een huis te doorzoeken dat al
eerder onderzocht is door een ander buitenlands hondenteam. Kort ervoor heeft men hier een
kinderlichaampje geborgen maar de Aggregaten en lampen worden opgesteld, het geronk van machines is door de hele stad hoorbaar. Ondertussen is het middernacht geworden en we besluiten dat de helft van het team bij de berging blijft en dat de andere naar het basiskamp terug gaan om eten en een kampvuur te maken, want we zijn met z'n alle erg verkleumd en hebben honger. Het heeft dan al de hele dag geregend. De Turkse brandweer begint met de berging. De teamleden die nog aan het werk zijn en afgelost moeten worden willen niet naar het kamp terug, ze zijn nu erg dichtbij het slachtoffer. Om in de juiste richting te kunnen blijven graven worden de honden geregeld opgezet en wordt de geurstroom gecontroleerd. Uiteindelijk wordt haar arm als eerste zichtbaar en voorzichtig wordt de rest van de muur verwijderd. Er komt een onbeschrijfelijke geur vrij, iedereen is muisstil. Enkele teamleden, werkzaam bij de brandweer in Nederland, helpen met de berging. We gaan terug naar het warenhuis en zetten na inspectie de honden in. Eindelijk
verwijzen de honden ook hier. Op aanwijzingen baant de graafmachine zich een weg naar
binnen in de richting van de geurstroom. Voor ons betekent dit dat de slachtoffers in principe dood zijn, aldus de commandant. De graafmachine gaat verder. Nog 40 meter te gaan. Uiteindelijk besluiten de Oostenrijkers om 04:00uur de zoekactie te staken en de "volgende ochtend" verder te gaan. Van slapen komt niet veel en in de ochtend gaan we met de Amerikanen op pad. Na een briefing van het crisiscentrum gaan we op zoek naar een huis waar nog levende personen in zouden zijn. Na 30 minuten rijden komen we in een ander stadsdeel terecht, helaas weten de Amerikanen het adres niet. "Een adres?, straatnamen?, huisnummers?, geen huizen meer, alleen maar puinhopen" gedesillusioneerd proberen de Amerikanen de plaats te achterhalen. Dit lukt niet meer. We gaan terug naar het basiskamp. Op het basiskamp vragen we opheldering bij het crisiscentrum. Opnieuw vertrekken 4 leden van het VRT. Bij het huis aangekomen zoeken ze tussen de puinhopen naar slachtoffers. Hierna wordt het huis vrijgegeven, geen slachtoffers. Nogmaals wordt er een beroep op ons gedaan, ditmaal via de Turkse autoriteiten
en een Spaanse reddingsorganisatie. Terug op het basiskamp pakken we vermoeid onze spullen in. Even snel als we gekomen zijn verlaten we s nachts Duzce en de volgende ochtend Turkije. Nog even een evaluatie ter plaatse en op Schiphol gaat iedereen weer uit elkaar. Voor het VRT een geslaagde actie die vooral voor de eerste grote inzet een goed leerproces is geweest. Met dank aan: Jaap Oosterhoff met zijn Duitse Herder Catja, Judith van de Wiel met haar kruising Duitse Herder Scully, Esther van Neerbos met haar Mechelse Herder Fussy, Frans Suijkerbuijk met zijn Mechelse Herder Xantha, Vicky Geurts met haar Hollandse Herder Joris, (KNPV), Liesbeth Meys met haar Tervuerense Herder Binky, Rene Linssen met zijn kruising Hollandse Herder Max (NRHB) en de mensen zonder hond Frans Vermeulen, Richard van den Eyk, Anne Moreu en alle mensen achter de schermen.
Rene Linssen |
Voor meer informatieover kan contact opgenomen worden met LiSAR
via email of telefoon
06 234 809 59
| |Homepage LiSAR| |